Aansprakelijkheid
Een faillissement van een onderneming is al betreurenswaardig genoeg,
maar het is nog erger als de ondernemer ook nog privé failliet gaat op
basis van bestuurdersaansprakelijkheid.
Een privé aansprakelijkheid kan voorkomen worden door als
ondernemer gedragingen die bestuurdersaansprakelijkheid kunnen opleveren te
vermijden.
Bij een faillissement van een
rechtspersoon, bijvoorbeeld een BV, kan de
ondernemer ook in privé failliet gaan als gevolg van twee vormen van
bestuurdersaansprakelijkheid.
| de aansprakelijkheid gebaseerd op de Wet Bestuurdersaansprakelijkheid (WBA) | ||
| de aansprakelijkheid gebaseerd op de Wet Bestuurdersaansprakelijkheid in geval van Faillissement (WBF) |
Volgens de Wet
Bestuurdersaansprakelijkheid (WBA) kan een bestuurder na een
faillissement privé aansprakelijk worden gehouden voor niet betaalde
belastingen
en premies als hij deze niet tijdig heeft gemeld.
Onder bestuurder wordt in dit verband verstaan:
| alle bestuurders van vennootschappen die ingeschreven staan bij het handelsregister | ||
| de gewezen bestuurder onder wiens bestuur de premie- of belastingschuld is ontstaan(Ontslag nemen na het ontstaan van de schuld helpt dus niet.) | ||
| de feitelijke bestuurder van de vennootschap (alle personen die zich feitelijk als bestuurder gedragen en het formeel niet zijn) |
Bestuurders van rechtspersonen
hebben een wettelijke meldingsplicht wanneer
de vennootschap niet tijdig kan zorgdragen voor betalingen van:
| verschuldigde loon- en omzetbelasting | ||
| accijnzen | ||
| bijdragen in bedrijfspensioenfondsen en | ||
| premies sociale verzekeringen |
|
Waarom meldingsplicht? De meldingsplicht vindt
haar grondslag in de antimisbruikwetgeving. De wetgever heeft met deze
bepalingen beoogd om de werkelijke fraudeur aan te kunnen pakken. De
bestuurder die de fiscale verplichtingen van de vennootschap bewust niet
wenst na te komen. |
|||
|
Hoe en wanneer meldt men betalingsonmacht? Men meldt de
betalingsonmacht schriftelijk uiterlijk twee weken na de dag waarop de
belasting-/ premieschuld behoort te zijn betaald, bij voorkeur op een formulier
verkrijgbaar bij de belastingdienst en uitvoeringsinstanties,. |
|||
|
Verdere toelichting melding betalingsonmacht
|
Hoe werkt de WBA in de praktijk?
In geval van een faillissement,
biedt de WBA extra bescherming aan de
belastingdienst en uitvoerende instanties. Om privé aansprakelijkheid te
vermijden
is het maar aan de ondernemer te bewijzen dat hij wel op tijd aan de
meldingsplicht
heeft voldaan. Heeft hij dat niet gedaan dan wordt hem onbehoorlijk bestuur
verweten.
Door de WBA kunnen de
belastingdienst en de uitvoeringsinstanties rustig achterover
leunen wanneer een faillissement aan de orde is. Nadat de vorderingen van hen
bekend
zijn wachten zij rustig af welk deel van de vorderingen uit de boedel nog
betaald kan worden.
Na afloop van het faillissement controleren zij simpelweg of voor de niet
betaalde
belastingschulden en premies sociale verzekeringen tijdig een mededeling
betalingsonmacht
is ontvangen.
Is dat niet het geval dan zullen
zij de bestuurder privé aansprakelijk stellen.
|
Niet gemeld, dubbel fout! Wanneer niet, of niet op een juiste wijze aan de meldingsplicht is voldaan dan wordt een wettelijk vermoeden in het leven geroepen van kennelijk onbehoorlijk bestuur. Het wettelijk vermoeden
van onbehoorlijk bestuur zorgt ervoor dat op de bestuurder een dubbele
bewijslast rust:
|
||||||||||
|
Wel gemeld, toch aansprakelijk? Zelfs al heeft de ondernemer op de juiste wijze aan de meldingsplicht voldaan, dan betekent dat niet automatisch dat hij niet aansprakelijk gesteld kan worden. Maar in dit geval ligt de bewijslast niet bij hem. Indien aannemelijk is dat niet-betaling aan de bestuurder te wijten is als gevolg van kennelijk onbehoorlijk bestuur gedurende de drie jaren voorafgaande aan de melding, dan kan de bestuurder alsnog aansprakelijk gesteld worden. Hierbij is wel het
voordeel van de ondernemer dat de bewijslast in deze situatie alleen
rust op de belastingdienst c.q. de uitvoeringsinstantie. |
|
Toelichting bestuurdersaansprakelijkheid WBF
Als een ondernemer bijna failliet
is en toch nog verplichtingen aangaat die hij
waarschijnlijk niet kan nakomen, dan kan de ondernemer ook onbehoorlijk
bestuur verweten worden. In zo'n geval wordt hij privé aansprakelijk gesteld
op grond van de WBF. Om dit te voorkomen moet hij niet tegen beter weten
in toch nog proberen de onderneming in leven te houden.
Aansprakelijkheid op grond van de
WBF houdt in dat in geval van een
faillissement van de vennootschap de bestuurder aansprakelijk is, indien het
bestuur (één of meer van de bestuurders) zijn taak kennelijk onbehoorlijk
heeft vervuld en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak van het
faillissement is.
In beginsel is er een hoofdelijke
aansprakelijkheid voor het volledige liquidatietekort,
maar de rechter heeft een ruim matigingsrecht. De aansprakelijkheid bestaat
slechts
voor onbehoorlijke taakvervulling in de periode van drie jaren voorafgaande aan
de
faillietverklaring.
|
Wat is onbehoorlijk bestuur? Enkele voorbeelden van onbehoorlijk bestuur zijn:
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Hoe kan de ondernemer dit risico van privé aansprakelijkheid vermijden? Het onnodig overeind houden van niet meer levensvatbare ondernemingen draagt een groot risico in zich voor de bestuurder(s) van de vennootschap. Bestuurders kunnen aansprakelijk gesteld worden voor het aangaan van verplichtingen namens de vennootschap wanneer vaststaat dat die verplichtingen niet meer door de vennootschap kunnen worden nagekomen. Deze vorm van onbehoorlijk bestuur kan zich met name bij een acute dreiging van een faillissement voordoen. Een bestuurder die gevrijwaard wenst te blijven van deze vorm van aansprakelijkheid doet er dan ook verstandig aan om de onderneming niet tegen beter weten in, in leven te houden. Dit kan ertoe leiden dat
de bestuurder verplicht wordt om zelf het faillissement van de
vennootschap uit te lokken, na verkregen toestemming van de
aandeelhoudersvergadering, wanneer de vennootschap niet meer in staat
moet worden geacht om haar betalingsverplichtingen nog na te kunnen
komen. |
Het doel van de wettelijke
bepalingen over de faillissementspauliana is crediteuren
van de failliete onderneming bescherming te bieden tegen benadeling. Als de
curator een beroep doet op de faillissementspauliana, dan roept hij de
nietigheid in van
een door de failliet onverplicht verrichte rechtshandeling, waardoor zijn
schuldeisers zijn benadeeld.
Uit de praktijk blijkt dat rechters snel een beroep van de curator op de pauliana honoreren!
Bij het voorbereiden van een "doorstart" dient dan ook met dit aspect goed rekening gehouden te worden.
Bij twijfel doet de ondernemer er verstandig aan vroegtijdig deskundig juridisch advies in te winnen!
|
Benadeling crediteuren in het zicht van een faillissement Kort gezegd komt de faillissementspauliana erop neer dat de wet strenge eisen stelt aan het verrichten van rechtshandelingen door de ondernemer kort vóór het faillissement. Onder kort wordt voor een aantal specifiek in de wet genoemde handelingen de termijn gehanteerd van één jaar! De ondernemer dient er daarom voor te waken dat bedoeld of onbedoeld meegewerkt wordt aan (rechts)handelingen die crediteuren kunnen benadelen. Als discontinuïteit te
lang duurt, zonder vooruitzicht op herstel, sluipt het risico van
benadeling van crediteuren in de onderneming. De sanctie daarop kan
tweeledig zijn. Het kan voor de ondernemer in sommige gevallen een
strafbaar feit opleveren, bankbreuk, en daarnaast kan de curator na het
uitspreken van het faillissement de rechtshandelingen terugdraaien, met
alle consequenties van dien. |
||||||||||||||||||||||
|
Pauliana nader bekeken De faillissementspauliana is geregeld in de Faillissementswet. Zonder volledig te zijn betreft het hier vooral rechtshandelingen die de onderneming heeft verricht met (naaste) familieleden en rechtshandelingen tussen de ondernemer in privé (DGA) en de onderneming (de BV). Naast de
faillissementspauliana is er de "gewone" pauliana. Ook de
"gewone" pauliana biedt de curator de mogelijkheid om
rechtshandelingen die zijn verricht vóór het faillissement terug te
draaien. |
||||||||||||||||||||||
|
(Rechts)handelingen die onder de pauliana vallen In het zicht van een faillissement komen in de praktijk de navolgende (rechts)handelingen vaak voor die onder de pauliana kunnen vallen.
|
|